Meer dan honderdtwintig gedichten stroomden binnen!

Het thema van de kinderboekenweek 2008 was
Poëzie. Eind september en begin oktober reisde Anna het hele land door om scholen en bibliotheken te bezoeken, en overal waar ze kwam vroeg ze kinderen om mee te doen aan de
gedichtenwedstrijd. De opdracht was: schrijf een gedicht over iets wat heel belangrijk voor je is. Ter inspiratie las Anna het gedicht voor dat Jessie in Red mijn hond! schrijft over haar witte herdershond Kaj.
En wat was iedereen geweldig geďnspireerd! Meer dan honderdtwintig gedichten stroomden de afgelopen weken binnen. Ontroerende gedichten over pony's en hamsters en honden en katten en gerbils en vissen. Mooie gedichten over vader en moeders en opa's en zussen. Grappige gedichten over knuffels en vrachtauto's en scouting en voetbal.
Heel hartelijk dank voor al jullie prachtige gedichten!
Wat jammer eigenlijk dat er maar drie gedichten konden winnen... Het was ontzettend moeilijk om de winnaars te kiezen, omdat er zoveel fantastische gedichten bij zaten. Maar Anna heeft toch drie winnaars gekozen, en dat zijn:
Laura van Straalen (11) uit Nieuw Vennep met het gedicht 'Ik ken een hond'
Inja Pater (11) uit Appeltern met het gedicht 'Ik en de boot'
Lianne Bosma (10) uit Lippenhuizen met het gedicht 'DOOD'
Hieronder lees je de drie gedichten en legt Anna uit waarom ze juist deze gedichten heeft gekozen.
Dit is Laura's gedicht:

ik ken een hond
ohh zo lief
zij is mijn hartedief
al is zij al erg oud
je weet niet hoeveel ik van haar houd
met haar zwarte vacht
al bijna grijs
is zij ouder dan 8
en al erg wijs
dan komt zij naar mij toe
met haar natte snuit
voor ze er is is ze al moe
als ik een piraat was was zij mijn buit
ik ken een hond
ohh zo lief
zij is mijn hartedief
Anna: 'Ontroerend gedicht: de hond leeft nu nog, maar omdat hij al zo oud is, moet je toch ook al denken aan de tijd dat hij er niet meer zal zijn. Het gedicht heeft een mooie opbouw: de eerste drie regels en de laatste drie zijn hetzelfde. Twee zinnen vind ik het allermooist: voor ze er is is ze al moe - omdat die zin zo prachtig het beeld van een oude hond oproept, die alleen van naar je toe lopen al moe wordt. De tweede zin is als ik een piraat was was zij mijn buit - misschien is Laura op het idee voor deze zin gekomen doordat ze een rijmwoord nodig had voor 'snuit', maar ze heeft geen rijmwoord gebruikt dat nergens op slaat. Het beeld van de piraat met de oude hond als buit levert een originele zin op, die echt iets betekent en nog een keer duidelijk maakt hoevéél de hond voor Laura betekent. Voor een piraat is zijn buit het allerbelangrijkste, voor Laura is dat haar hond.'

Dit is Inja's gedicht:
ik en de boot
de boot die wankelt,
en dat ben ik die sprankelt,
dat is de boot die zo lekker zoemt,
de boot is haast naar mij vernoemd,
Ilja en Inja dat lijkt op elkaar,
maar toch zijn we even raar,
ik en de boot,
beiden in de sloot,
onze mooie boot op zee,
maakt toch heel wat mee!
Anna: 'Wat een vrolijk, sprankelend gedicht! Het klinkt lekker; probeer het maar eens voor te lezen, of te zingen - je merkt dat dat heel goed gaat. Nergens staat een lettergreep teveel of te weinig en de rijmwoorden zijn mooi gevonden, vooral wankelt-sprankelt en zoemt-vernoemd. De eerste twee regels vind ik de mooiste, omdat ik meteen een plaatje voor me zie: een wankelende boot (want dat doen boten!) en een meisje dat met haar vingers door het water gaat en druppels laat opspatten die sprankelen in de zon.'
Dit is Lianne's gedicht:
DOOD
Ik wil je niet kwijt
Het mag niet weer gebeuren
Ik mis je
Ik wil je niet kwijt
Het mag niet weer gebeuren
En weet je waarom omdat ik van je hou!
Ik wil je niet kwijt
Het mag niet weer gebeuren
Ik wil niet graag aan je denken
Maar ik raak het niet kwijt.
Ik wil je niet kwijt
Het mag niet weer gebeuren
Je wachtte altijd op mij nu doe je dat niet meer
Ik wil je niet kwijt
Het mag niet weer gebeuren
Je bent er niet meer
Ik wil je niet kwijt
Het mag niet weer gebeuren
ik denk altijd aan je
ik wil je niet kwijt
het mag niet weer gebeuren
ik mis je de liefste hond.
Ik ben je nu kwijt
ik heb nu Junior
maar ik vergeet je nooit
de liefste hond.
Anna: 'Een prachtig treurig gedicht... Door de vele herhalingen krijgt het gedicht iets spookachtigs - het laat je niet meer los. De zin Het mag niet weer gebeuren lijkt door de herhalingen wel een soort toverspreuk - als je die zin maar vaak genoeg herhaalt, zál het ook niet gebeuren. Heel mooi vind ik dat dit gedicht over twee honden gaat: de hond die dood is, en Junior, die nu nog leeft.

Lianne heeft een nieuwe hond, maar toch mist ze nog steeds haar oude hond verschrikkelijk - en tegelijkertijd is ze bang dat ook haar nieuwe hond ooit dood zal gaan. Die dubbelheid heeft ze mooi beschreven: een nieuwe hond kan nooit de plaats innemen van een oude hond. Maar als de nieuwe hond misschien toch wél net zo lief wordt als de oude, dan word je weer heel bang om de nieuwe hond te verliezen...'
De tekeningen op deze pagina zijn gemaakt door Saskia Halfmouw en staan in 'Red mijn hond!'. Anna's hond Jefta heeft er model voor gestaan.